De doelgroep en werk

Veel bewoners hebben een geschiedenis van jarenlange drugsmisbruik. Hun hele gebruikersleven draaide om het gebruiken van drugs en manieren om aan meer te komen. Ze leefden om te gebruiken en gebruikten om te leven. Veel verslaafden hebben jaren van onverantwoordelijk leven achter de rug. In actief gebruik hebben zij achterstanden opgelopen op het gebied van werk, scholing en emotionele ontwikkeling. Hun omgeving, vrienden en familie zowel als de samenleving in haar algemeenheid hadden hen vaak al de rug toegekeerd. Vaak waren mededrugsgebruikers het enige netwerk dat restte. Een groot aantal herstellende verslaafden heeft problemen met een laag zelfbeeld, financiële problemen en een achterstand op ontwikkelingstaken passend bij hun kalenderleeftijd. Er zijn barsten en breuken ontstaan met betrekking tot opleiding, werk of inkomen. Hierdoor worden sociale en maatschappelijke rollen niet gerealiseerd of dreigen verloren te gaan. Het gevaar is hierbij dat mensen het gevoel kunnen krijgen overbodig te zijn en voor anderen noch voor de maatschappij betekenis te hebben. Sociale isolatie ligt dan op de loer. 

 Het merendeel van de bewoners van het safehouse komen dus vanuit een langere periode zonder werk of zijn door hun verslaving in de ziektewet geraakt of hebben hun baan verloren. Vanuit de samenleving is er echter regelmatig sprake van een zekere vorm van stigmatisering naar mensen die geen betaalde arbeid verrichten of ‘gaten’ hebben in hun cv. De sfeer van de participatiesamenleving voelt men door de gehele samenleving heen. Werkloosheid wordt hierin soms gekoppeld aan onwil om te werken of luiheid. Mensen zonder betaald werk worden op deze manier mentaal uitgesloten van de groep werkende mensen die een veel grotere groep vormen binnen de samenleving. 

 Dit alles maakt dat veel bewoners onzeker zijn over het feit dat zij relatief vaak weinig werkervaring hebben of grote “gaten” op hun cv hebben. Het is echter wel de bedoeling dat de bewoners zich zinvol maken door middel van bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Om deze reden zal SchoonSchip contacten leggen met mogelijke instellingen die plekken hebben voor vrijwilligerswerk of dagbesteding. Wellicht zijn er mogelijkheden om eigen initiatieven hierin op te zetten in de buurt, echter dit is geen verplicht onderdeel in het programma. 

Vrije tijd

De keuze voor besteding van vrije tijd ligt primair bij de cliënt zelf, maar wordt wel intensief bespreekbaar gemaakt en geëvalueerd door de begeleiding. Vragen zoals waarom er voor bepaalde zaken wordt gekozen, waar de begeleiding ook de mogelijke consequenties belicht en de mogelijke keuzes bespreekt.

SchoonSchip motiveert de groep om met elkaar dingen te ondernemen, er wordt gestimuleerd samen uit te gaan, ook doormiddel van bijvoorbeeld uitjes die SchoonSchip zal organiseren. Ook de mogelijkheid om samen te sporten zal SchoonSchip faciliteren. Zo wordt er aanspraak gemaakt op de rol van een individu in de groep/ leefomgeving. De oorspronkelijke leefomgeving kan worden betrokken in het proces van de cliënt als individu en er zal aandacht zijn voor mogelijk herstel van contact met oorspronkelijke woonomgeving, waar nodig.